Spaarstrategieën

Depositoladdering: rentes vastzetten zonder liquiditeit te verliezen

6 min leestijd

Verdeel je spaargeld over deposito's met opeenvolgende einddata. Elk jaar komt een deel vrij — met behoud van hogere rente en zonder al je geld tegelijk vast te zetten.

Alles op 60 maanden vastzetten om die ene hogere rente te pakken? Verleidelijk, maar riskant: als je halverwege bij je geld moet, ben je nat. Alles in een vrij opneembare spaarrekening laten staan? Dan mis je systematisch de hogere depositorente. De klassieke oplossing heet laddering — en het is verrassend simpel.

Het basisidee

Een depositoladder is een portefeuille van meerdere deposito's met opeenvolgende einddata. Elk jaar (of elk half jaar) komt een deel van je geld vrij, dat je vervolgens opnieuw vastzet — meestal weer voor de langste looptijd van de ladder. Zo pak je gemiddeld een hoge rente en houd je toch elk jaar toegang tot een deel van je vermogen.

Voorbeeld met 40.000 €

Stel: je hebt 40.000 € om vast te zetten. In plaats van alles op één looptijd te zetten, verdeel je:

  • 10.000 € op een 12-maands deposito tegen 2,4%
  • 10.000 € op een 24-maands deposito tegen 3,0%
  • 10.000 € op een 36-maands deposito tegen 3,3%
  • 10.000 € op een 48-maands deposito tegen 3,5%

Wat er gebeurt: na 12 maanden komt de eerste tranche vrij. Die zet je opnieuw vast, dit keer voor 48 maanden — de langste looptijd van je ladder — tegen de rente die op dat moment geldt. Na 24 maanden komt de volgende tranche vrij, en zo verder.

Na één keer rondgaan (dus na 48 maanden) staat je hele ladder op 48-maands deposito's, waarbij elke 12 maanden een tranche vrijkomt. Vanaf dat moment loopt de ladder zichzelf.

Waarom het werkt

Drie voordelen tegelijk:

Rente-gemiddelde in plaats van rente-gok. Je hoeft niet te voorspellen of rentes gaan stijgen of dalen. Je verdeelt je risico over de tijd. Als rentes zakken, profiteer je nog van je oudere, hogere tranches. Als rentes stijgen, kun je elke 12 maanden een deel opnieuw vastzetten tegen de nieuwe, hogere rente.

Regelmatige liquiditeit. Elk jaar komt een deel vrij. Onverwachte uitgave? Je hoeft geen deposito open te breken — je wacht gewoon op de eerstvolgende einddatum. Voor de meeste ongeplande situaties (behalve een acute noodzaak) is 12 maanden wachttijd overkomelijk.

Hogere gemiddelde rente. Doordat het grootste deel van je ladder op langere looptijden staat, pak je gemiddeld de hogere langetermijnrente. Alleen die eerste tranche brengt tijdelijk minder op.

Varianten

Klassieke 5-jaars ladder: vijf tranches van 12, 24, 36, 48 en 60 maanden. Elke 12 maanden komt er een vrij. Meest gebruikt.

Compacte 2-jaars ladder: vier tranches van 6, 12, 18 en 24 maanden. Elke 6 maanden komt er iets vrij. Geschikter voor middelgrote horizons.

Halfjaarlijkse ladder: je opent elke 6 maanden een nieuw deposito met een vaste looptijd van bijvoorbeeld 36 maanden. Na 3 jaar heb je zes lopende deposito's die elk halfjaar rouleren.

Praktische aandachtspunten

Minimuminleg per deposito. Nederlandse en Europese banken vragen vaak 500 – 1.000 € minimum, soms 5.000 €. Kleine ladders (bijvoorbeeld 5.000 € totaal) kun je dus lastig in vijf tranches verdelen. Bij kleinere bedragen werkt een ladder van twee of drie tranches beter.

Meerdere banken versus één bank. Sommige spaarders spreiden hun ladder over verschillende banken om zowel het renteniveau (verschillende aanbieders bieden verschillende rentes per looptijd) als het depositogarantiestelsel-plafond (100.000 € per bank) optimaal te benutten. Nadeel: meer administratie, meer identificatieprocessen.

Automatische verlenging aan of uit? Bij het openen kun je meestal aanvinken dat een deposito automatisch verlengt op einddatum. Voor een ladder wil je dat vinkje bewust uit hebben, zodat je zelf kiest waar en tegen welke rente je herbelegt. Anders verlengt de bank tegen misschien een minder aantrekkelijke rente van dat moment.

Verschillende banken kunnen sterk verschillen per looptijd. Bank X kan de beste rente hebben op 12 maanden, bank Y op 36 maanden. Bij een ladder loont het om per tranche apart te vergelijken.

Wanneer laddering niet zinvol is

Voor bedragen onder 5.000 € euro werkt een ladder nauwelijks — de complexiteit weegt niet op tegen de winst. Voor het noodfonds werkt hij helemaal niet, want zelfs 12 maanden wachten is te lang bij acute nood.

Ook bij extreem hoge of extreem lage rentes vervalt een deel van de logica. Als 60-maands deposito's boven de 5% zitten, is alles-op-60-maanden verdedigbaar. Zitten alle rentes onder 1%, dan is een spaarrekening met flexibiliteit vaak beter dan een langetermijndeposito.

Wat een ladder je oplevert — concreet

Neem opnieuw het voorbeeld van 40.000 € verdeeld over 12/24/36/48 maanden. Gemiddelde rente over de portefeuille in het eerste jaar: circa 3,05%. Op één 12-maands deposito had je slechts 2,4% gehad. Op één 48-maands deposito had je 3,5% gehad, maar dan zit al je geld 4 jaar vast.

Het verschil ten opzichte van 100% vrij opneembaar spaarrekening (rond 1,5%) is grofweg 600 € extra per jaar op deze 40.000 € — netto na Box 3-heffing.

Kort gezegd

Laddering is geen truc, maar een structuur. Je hoeft geen rentes te voorspellen. Je hoeft je hele saldo niet vast te zetten. En je krijgt structureel meer rendement dan met alleen een vrij opneembare spaarrekening — in ruil voor een kleine tijdsinvestering elk jaar bij het herbeleggen van de vrijgekomen tranche.

Ontvang de hoogste spaarrentes in je inbox

Een maandelijkse nieuwsbrief met de beste spaarrekeningen en deposito's in Nederland en Europa, ECB-renteanalyses en exclusieve spaartips. Geen spam, uitschrijven met één klik.

Door je aan te melden ga je akkoord met ons privacybeleid. Meer dan 25.000 spaarders gingen je voor.

Lees ook

← Terug naar de blog